Verantwoording rekenregels
Op deze pagina leggen we uit welke tarieven, bedragen, percentages en aannames Rekenmaat.nl gebruikt voor de calculators.
- Laatst gecontroleerd
- 24 april 2026
- Geldig voor
- Belastingjaar 2026
- Status
- Deels definitief, deels voorlopig
Onze rekenregels zijn gebaseerd op officiële bronnen zoals de Belastingdienst, Rijksoverheid, Dienst Toeslagen, UWV, SVB, DUO en RVO. Waar cijfers voorlopig, indicatief of afhankelijk van persoonlijke omstandigheden zijn, vermelden we dit expliciet. Sommige bedragen kunnen gedurende het jaar wijzigen of pas later definitief worden vastgesteld. Daarom zijn alle uitkomsten indicatief en geen financieel, fiscaal of juridisch advies.
Inkomstenbelasting Box 1 — Werk en woning
Jonger dan AOW-leeftijd:
| Schijf | Inkomen | Tarief |
|---|---|---|
| 1 | Tot €38.883 | 35,75% |
| 2 | €38.883 – €78.426 | 37,56% |
| 3 | Boven €78.426 | 49,50% |
AOW-gerechtigden (geboren op of na 1 januari 1946):
| Schijf | Inkomen | Tarief |
|---|---|---|
| 1 | Tot €38.883 | 17,85% |
| 2 | €38.883 – €78.426 | 37,56% |
| 3 | Boven €78.426 | 49,50% |
AOW-gerechtigden (geboren vóór 1 januari 1946):
| Schijf | Inkomen | Tarief |
|---|---|---|
| 1 | Tot €41.123 | 17,85% |
| 2 | €41.123 – €78.426 | 37,56% |
| 3 | Boven €78.426 | 49,50% |
Bron: Belastingdienst — Tarieven inkomstenbelasting 2026; Wet IB 2001; Belastingplan 2026.
Heffingskortingen 2026
| Korting | Bedrag / details |
|---|---|
| Algemene heffingskorting | Max €3.115, afbouw 6,398% vanaf €29.736, nihil bij €78.426 |
| Arbeidskorting | Max €5.685, opbouw via 4 fasen, afbouw 6,51% vanaf €45.592, nihil bij €132.920 |
| IACK | Max €3.032, opbouw 11,45% vanaf €6.239 |
| Ouderenkorting | Max €2.067, afbouw 15% vanaf €46.002 |
| Alleenstaandeouderenkorting | €540 |
| Jonggehandicaptenkorting | €923 |
Bron: Belastingdienst — Heffingskortingen 2026; Wet IB 2001 art. 8.10–8.17.
Box 2 — Aanmerkelijk belang
| Schijf | Inkomen | Tarief |
|---|---|---|
| 1 | Tot €68.843 | 24,5% |
| 2 | Boven €68.843 | 31% |
| Onderdeel | Tarief |
|---|---|
| Dividendbelasting voorheffing | 15% |
Bron: Belastingdienst — Aanmerkelijk belang (box 2); Wet dividendbelasting 1965; Wet IB 2001 art. 2.12.
Box 3 — Sparen en beleggen
| Onderdeel | Waarde | Status |
|---|---|---|
| Belastingtarief | 36% | Definitief |
| Heffingsvrij vermogen | €59.357 p.p. (€118.714 met partner) | Definitief |
| Forfaitair rendement spaargeld (banktegoeden) | 1,28% | Voorlopig |
| Forfaitair rendement overige bezittingen | 6,00% | Definitief |
| Forfaitaire aftrek schulden | 2,70% | Voorlopig |
Let op: voor box 3 zijn de percentages voor banktegoeden en schulden in 2026 voorlopig. De Belastingdienst stelt deze percentages begin 2027 definitief vast. De uitkomst is daarom een benadering voor de voorlopige aanslag 2026.
Bron: Belastingdienst — Box 3-inkomen 2026; Wet IB 2001 art. 5.2; Belastingplan 2026.
Bijzonder tarief (bonussen, vakantiegeld, overwerk)
Bij bijzondere beloningen zoals vakantiegeld, bonussen en eenmalige uitkeringen past de werkgever meestal de tabel bijzondere beloningen toe. Het in te houden percentage hangt onder meer af van het jaarloon en de toepassing van de loonheffingskorting. Daardoor kan de daadwerkelijke inhouding afwijken van alleen het normale schijftarief.
Onze calculator benadert het bijzonder tarief met het marginale belastingtarief (schijf waarin het extra inkomen valt):
| Jaarloon | Indicatief bijzonder tarief |
|---|---|
| Tot €38.883 | 35,75% |
| €38.883 – €78.426 | 37,56% |
| Boven €78.426 | 49,50% |
In de praktijk berekent de werkgever het exacte bijzondere tarief via de tabel bijzondere beloningen: loonheffing over jaarloon inclusief bonus minus loonheffing over jaarloon exclusief bonus. Ook de verrekeningspercentages voor arbeidskorting kunnen het effectieve tarief beïnvloeden. De definitieve afrekening volgt altijd bij de aangifte inkomstenbelasting.
Vakantiegeld
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Wettelijk minimum | 8% van het bruto jaarloon |
| Opbouwperiode | 1 juni t/m 31 mei |
| Uitbetaling | Uiterlijk juni |
| Belasting | Bijzonder tarief |
| Afwijking | Werkgevers mogen hoger % hanteren of maandelijks uitbetalen |
Bron: Rijksoverheid — Vakantiegeld; Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WMM) art. 15–18.
Minimumloon 2026
Wettelijk minimumuurloon 21+: €14,71 per uur (exclusief 8% vakantiegeld).
| Leeftijd | % van 21+ | Uurloon |
|---|---|---|
| 15 jaar | 30% | €4,41 |
| 16 jaar | 34,5% | €5,07 |
| 17 jaar | 39,5% | €5,81 |
| 18 jaar | 50% | €7,36 |
| 19 jaar | 60% | €8,83 |
| 20 jaar | 80% | €11,77 |
| 21+ jaar | 100% | €14,71 |
Bron: Rijksoverheid — Minimumloon 2026; Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WMM).
Sociale zekerheid en premies
| Premie / gegeven | Waarde |
|---|---|
| AOW-premie | 17,90% |
| Anw-premie | 0,10% |
| Wlz-premie | 9,65% |
| Zvw werkgeversheffing | 6,10% |
| Zvw zelfstandigen/gepensioneerden | 4,85% |
| Maximum premieloon | €79.409 |
| Maximum dagloon (uitkering) | €304,25 per dag |
| AOW-leeftijd 2026 | 67 jaar |
Bron: Belastingdienst — Premies volksverzekeringen 2026; Wfsv; Regeling zorgverzekering.
WW-uitkering
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Eerste 2 maanden | 75% van het dagloon |
| Daarna | 70% van het dagloon |
| Duur | 3 mnd basisrecht + 1 mnd per jaar arbeidsverleden (max 24 mnd) |
| Maximum dagloon | €304,25 per dag (incl. vakantietoeslag) |
Bron: UWV — WW-uitkering 2026; Werkloosheidswet (WW) art. 42–47.
Transitievergoeding
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Berekening | ⅓ bruto maandsalaris per gewerkt dienstjaar |
| Maximum 2026 | €102.000 (of één jaarsalaris als dat hoger is) |
| Recht | Vanaf eerste werkdag bij ontslag op initiatief werkgever |
Bron: Rijksoverheid — Transitievergoeding; Burgerlijk Wetboek Boek 7 art. 7:673.
Ouderschapsverlof
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Totaal verlof | 26 × het aantal werkuren per week |
| Betaald deel (UWV) | 9 weken à 70% van het dagloon |
| Maximum dagloon | €304,25 per dag |
| Opnameperiode betaald | Eerste levensjaar van het kind |
| Recht | Beide ouders onafhankelijk |
| Onbetaald deel | 17 weken (tenzij cao anders bepaalt) |
Reiskostenvergoeding en thuiswerkvergoeding
| Vergoeding | Bedrag |
|---|---|
| Onbelaste reiskostenvergoeding | €0,23 per kilometer |
| Onbelaste thuiswerkvergoeding | €2,45 per dag |
Reiskosten en thuiswerk mogen niet op dezelfde dag worden vergoed.
Bijtelling auto van de zaak 2026
| Type voertuig | Bijtelling |
|---|---|
| Brandstofauto's en hybrides | 22% van cataloguswaarde |
| Volledig elektrisch | 18% over eerste €30.000, 22% daarboven |
| Waterstof / zonnecel | 18% over gehele cataloguswaarde |
| Youngtimers (≥16 jaar oud) | 35% over dagwaarde |
Vanaf 2027 wijzigt de youngtimer-grens naar 25 jaar en vervalt de grondslag op dagwaarde.
Bron: Belastingdienst — Bijtelling 2026; Wet IB 2001 art. 3.20; Uitvoeringsregeling IB 2001.
Hypotheekrenteaftrek
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Maximaal aftrekpercentage | 37,56% (tarief tweede schijf) |
| Hypotheektype | Alleen annuïtair of lineair (na 01-01-2013) |
| Maximale looptijd aftrek | 30 jaar |
| Eigenwoningforfait | 0,35% van WOZ-waarde (tot €1.310.000) |
Overdrachtsbelasting 2026
| Situatie | Tarief |
|---|---|
| Eigen woning (zelf bewonen) | 2% |
| Startersvrijstelling (18–35 jaar, eerste woning) | 0% tot max €555.000 |
| Niet-zelfbewoning (beleggers) | 8% |
| Overig vastgoed (bedrijfspanden, grond) | 10,4% |
Bij startersvrijstelling: als de woningwaarde boven €555.000 uitkomt, geldt het volledige 2%-tarief (geen vrijstelling).
Erfbelasting 2026
Vrijstellingen:
| Relatie tot overledene | Vrijstelling |
|---|---|
| Partner | €828.035 |
| Kinderen | €26.230 |
| Zieke/gehandicapte kinderen | €62.109 |
| Kleinkinderen | €26.230 |
| Ouders | €62.110 |
| Overige verkrijgers | €2.769 |
Tarieven:
| Belastbaar bedrag | Partner/kinderen | Kleinkinderen | Overige |
|---|---|---|---|
| Tot €158.669 | 10% | 18% | 30% |
| Boven €158.669 | 20% | 36% | 40% |
Bron: Belastingdienst — Erfbelasting 2026; Successiewet 1956 art. 24 en 32; Belastingplan 2026.
Schenkbelasting 2026
Jaarlijkse vrijstellingen:
| Relatie | Vrijstelling per jaar |
|---|---|
| Kinderen | €6.908 |
| Overige verkrijgers | €2.769 |
Eenmalig verhoogde vrijstellingen (kinderen 18–40 jaar):
| Type | Bedrag |
|---|---|
| Eenmalige verhoogde vrijstelling | €33.129 |
| Dure studie (aanvullend) | €69.009 |
Tarieven (boven vrijstelling):
| Belastbaar bedrag | Kinderen | Kleinkinderen | Overige |
|---|---|---|---|
| Tot €158.669 | 10% | 18% | 30% |
| Boven €158.669 | 20% | 36% | 40% |
Bron: Belastingdienst — Schenkbelasting 2026; Successiewet 1956 art. 33 en 24.
Zorgtoeslag 2026
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Max. bedrag alleenstaande | €129/maand (€1.550/jaar) |
| Max. bedrag met toeslagpartner | €246/maand (€2.963/jaar) |
| Inkomensgrens alleenstaande | €40.857 |
| Inkomensgrens met partner | €51.142 (gezamenlijk) |
| Vermogensgrens alleenstaande | €146.011 |
| Vermogensgrens met partner | €184.633 |
Zorgtoeslag neemt af naarmate het inkomen stijgt (afbouwpercentage). Het jaarbedrag is leidend; maandbedragen zijn afgerond op hele euro's en kunnen daardoor met €1 verschillen.
Bron: Dienst Toeslagen — Zorgtoeslag 2026; Wet op de zorgtoeslag.
Huurtoeslag 2026
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Toelatingsgrens (maximale huurprijs) | Afgeschaft per 2026 |
| Rekengrens (21+ jaar) | €932,93/maand |
| Kwaliteitskortingsgrens | €498,20 |
| Basishuur alleenstaande | €202,52/maand |
| Basishuur meerpersoons | €200,71/maand |
| Vermogensgrens | €38.479 per bewoner (€76.958 met partner) |
| Servicekosten | Tellen niet meer mee (per 2026) |
Vanaf 2026 kan een hoge huur niet meer automatisch uitsluiten van huurtoeslag, maar de berekening vindt nog steeds plaats tot de rekengrens van €932,93 per maand. Het huurdeel boven die grens telt dus niet mee. Huurtoeslag blijft afhankelijk van inkomen, huurprijs, vermogen en huishoudsamenstelling.
Bron: Dienst Toeslagen — Huurtoeslag 2026; Rijksoverheid — Huurtoeslag; Wet op de huurtoeslag.
Kinderopvangtoeslag 2026
Maximum uurtarieven:
| Type opvang | Maximum uurtarief |
|---|---|
| Kinderdagverblijf / peuteropvang | €11,23 |
| Buitenschoolse opvang (BSO) | €9,98 |
| Gastouderopvang | €8,49 |
Vergoedingspercentages (eerste kind):
| Toetsingsinkomen | Vergoeding |
|---|---|
| Tot €24.149 | 96,0% |
| €50.000 | ca. 90% |
| €100.000 | ca. 67% |
| €150.000 | ca. 47% |
| Boven €235.689 | 36,5% |
Vergoedingspercentages (tweede en volgende kinderen):
| Toetsingsinkomen | Vergoeding |
|---|---|
| Tot €24.149 | 96,0% |
| Boven €235.689 | 68,2% |
Bron: Dienst Toeslagen — Kinderopvangtoeslag 2026; Wet kinderopvang; Besluit kinderopvangtoeslag 2026.
Kinderbijslag 2026
| Leeftijd kind | Per kwartaal | Per jaar |
|---|---|---|
| 0–5 jaar | €295,07 | €1.180,28 |
| 6–11 jaar | €358,30 | €1.433,20 |
| 12–17 jaar | €421,53 | €1.686,12 |
| Onderdeel | Details |
|---|---|
| Inkomensafhankelijk | Nee |
| Uitbetaling SVB | 1 april, 1 juli, 1 oktober, 2 januari |
| Recht tot | Kwartaal waarin kind 18 wordt |
| Belastbaar | Nee (belastingvrij) |
Bron: SVB — Kinderbijslag 2026; Algemene Kinderbijslagwet (AKW).
Huurverhoging 2026
| Sector | Maximale huurverhoging | Ingangsdatum |
|---|---|---|
| Sociale huur (≥ €350/mnd) | 4,1% | 1 juli 2026 |
| Sociale huur (< €350/mnd) | max €25/mnd | 1 juli 2026 |
| Middenhuur | 6,1% | 1 januari 2026 |
| Vrije sector | 4,4% | 1 januari 2026 |
| Sector | Koppeling |
|---|---|
| Sociale huur | Gemiddelde CAO-loonontwikkeling |
| Middenhuur | CAO-loonontwikkeling + 1% |
| Vrije sector | Laagste van inflatie en loonontwikkeling + 1% |
Ondernemersfaciliteiten 2026
| Faciliteit | Waarde |
|---|---|
| Zelfstandigenaftrek | €1.200 (urencriterium: min. 1.225 uur/jaar) |
| Startersaftrek | €2.123 (max 3× in eerste 5 jaar) |
| MKB-winstvrijstelling | 12,7% over winst na ondernemersaftrekken |
Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA):
| Investeringsbedrag | KIA-aftrek |
|---|---|
| Tot €2.900 | Geen aftrek |
| €2.901 – €71.683 | 28% van investeringsbedrag |
| €71.684 – €118.883 | €20.071 (vast) |
| €118.884 – €398.236 | €20.071 − 7,56% × (investering − €118.883) |
| Boven €398.236 | Geen aftrek |
Minimum per investering: €450. Geen KIA voor grond, woonhuizen, effecten, personenauto's (tenzij beroepsvervoer).
Studiefinanciering — DUO terugbetaling
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Rente 2026 | 2,33% |
| Terugbetaaltermijn | 35 jaar (nieuw stelsel) |
| Draagkrachtvrije voet alleenstaande | 100% van het minimumloon |
| Draagkrachtvrije voet met partner/kinderen | 143% van het minimumloon |
| Max terugbetaling | 4% van inkomen boven draagkrachtvrije voet |
| Minimum maandbedrag | €5 (daaronder geen betaling verplicht) |
| Restschuld na 35 jaar | Wordt kwijtgescholden |
Bron: DUO — Terugbetalen studieschuld 2026; Wet studiefinanciering 2000 (WSF 2000).
Alimentatie
Partneralimentatie — duur (Wet herziening partneralimentatie, per 01-01-2020):
| Situatie | Maximale duur |
|---|---|
| Huwelijk korter dan 5 jaar, geen kinderen | Gelijk aan duur huwelijk |
| Standaard | Helft van de huwelijksduur, max 5 jaar |
| Kinderen jonger dan 12 jaar | Tot jongste kind 12 wordt |
| Huwelijk ≥15 jaar + AOW binnen 10 jaar | Tot AOW-leeftijd |
| Geboren vóór 1970, huwelijk ≥15 jaar | 10 jaar |
Berekening (Tremanormen / hofnorm):
| Onderdeel | Details |
|---|---|
| Behoefte ontvanger | 60% van netto gezinsinkomen tijdens huwelijk |
| Draagkracht betaler | Netto inkomen − woonlasten − forfait levensonderhoud |
| Alimentatie | Laagste van behoefte en draagkracht |
| Indexering 2026 | 4,6% |
Fiscale behandeling:
| Partij | Behandeling |
|---|---|
| Betaler | Aftrekbaar (persoonsgebonden aftrek, box 1) |
| Ontvanger | Belast (box 1) |
Eigen risico zorgverzekering 2026
| Onderdeel | Waarde |
|---|---|
| Verplicht eigen risico | €385 per jaar (18+) |
| Vrijwillig eigen risico | €0, €100, €200, €300, €400 of €500 extra |
| Maximaal eigen risico | €885 (€385 + €500) |
| Premiekorting bij max. vrijwillig | Ca. €20/maand (afhankelijk van verzekeraar) |
| Uitgezonderd | Huisarts, verloskundige zorg, kraamzorg, griepprik |
Bron: Rijksoverheid — Eigen risico zorgverzekering 2026; Zorgverzekeringswet (Zvw) art. 19–22.
Energielabel en verduurzaming
Indicatieve jaarlijkse energiekosten per label (gemiddelde tussenwoning):
| Energielabel | Indicatie gasverbruik | Indicatie stroomverbruik |
|---|---|---|
| A | 800 m³ | 2.400 kWh |
| B | 1.100 m³ | 2.600 kWh |
| C | 1.400 m³ | 2.800 kWh |
| D | 1.700 m³ | 3.000 kWh |
| E | 2.000 m³ | 3.200 kWh |
| F/G | 2.500+ m³ | 3.500+ kWh |
NB: Dit zijn indicatieve gemiddelden. Werkelijk verbruik hangt af van woningtype, isolatie, bewonersgedrag en klimaat.
Samengestelde rente en beleggen
De calculators voor samengestelde rente, FIRE en DCA zijn gebaseerd op wiskundige formules, niet op wetgeving:
| Concept | Toelichting |
|---|---|
| Samengestelde rente | FV = PV × (1 + r)^n |
| 4%-onttrekkingsregel (FIRE) | Trinity Study (1998): 4% jaarlijks onttrekken, hoge kans dat vermogen 30+ jaar meegaat |
| DCA (Dollar Cost Averaging) | Periodieke inleg tegen marktprijs, rendement o.b.v. historisch gemiddelden |
NB: Beleggingsrendementen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.
Wegenbelasting (MRB) 2026
| Factor | Details |
|---|---|
| Gewicht voertuig | Basis voor tarief |
| Brandstofsoort | Benzine, diesel (+toeslag), LPG (+toeslag), elektrisch |
| Provincie opcenten | Toeslag verschilt per provincie (0–80%) |
| Elektrisch (per 2026) | Kwarttarief voor volledig elektrische auto's |
Bron: Belastingdienst — Motorrijtuigenbelasting 2026; Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994.
Hoe we afronden en omgaan met wijzigingen
Onze calculators rekenen intern met volledige precisie (euro's en centen). Uitkomsten worden afgerond volgens de gebruikelijke conventies:
- Belasting- en toeslagbedragen: afgerond op hele euro's.
- Maandbedragen uit jaarbedragen: het jaarbedrag is leidend; maandbedragen zijn hierop afgerond en kunnen daardoor met €1 verschillen van officiële tabellen.
- Percentages: overgenomen zoals gepubliceerd door de bron (meestal op twee decimalen).
- Bij voorlopige cijfers (zoals delen van box 3) passen we de berekening aan zodra de Belastingdienst definitieve percentages publiceert.
Bij wijzigingen in wetgeving of tarieven updaten we deze pagina en de betrokken calculators. De datum "Laatst gecontroleerd" bovenaan geeft aan wanneer we de rekenregels voor het laatst tegen de officiële bronnen hebben getoetst.
Disclaimer: Alle berekeningen op Rekenmaat.nl zijn indicatief en vormen geen financieel, juridisch of fiscaal advies. Hoewel wij streven naar correcte en actuele informatie, kunnen wij geen garantie geven op de juistheid. Raadpleeg altijd een professional voor uw persoonlijke situatie.
Bronnen: Belastingdienst, Rijksoverheid, Dienst Toeslagen, UWV, SVB, DUO, RVO, Wetten.overheid.nl.
Samenstelling & eindredactie: redactie Rekenmaat.nl, op basis van officiële publicaties van de hierboven genoemde bronnen.
Versie: 2026.1 — laatst gecontroleerd 24 april 2026.